Een botte betonboor, een verkeerde boordiameter of een beitel die u wilt wisselen: een SDS-boor vervangen in een boorhamer hoort snel te gaan. Toch ontstaan problemen vaak door een boor die niet goed vastklikt, een vervuilde opname of een SDS-plus-boor die per ongeluk in een SDS-max-machine moet. Met de juiste werkwijze wisselt u veilig en voorkomt u onnodige slijtage aan boor en boorhamer.
SDS-boor vervangen in de boorhamer: eerst veilig werken
Haal altijd eerst de stekker uit het stopcontact. Bij een accu-boorhamer neemt u de accu uit de machine. Zet de machine dus niet alleen uit met de schakelaar. Tijdens het wisselen kunt u per ongeluk de trekker raken, zeker wanneer u de boorhamer vasthoudt om een vastzittende boor los te maken.
Laat een boor die net gebruikt is eerst afkoelen. Vooral na diep boren in beton, natuursteen of een gewapende muur kan de schacht en de punt erg heet zijn. Draag bij voorkeur werkhandschoenen wanneer u een gebruikte boor verwijdert. Controleer meteen of de boor krom, gescheurd of sterk versleten is. Een beschadigde SDS-boor hoort niet terug in de koffer.
Kijk ook welk SDS-systeem uw boorhamer heeft. De meeste lichte en middelzware boorhamers voor doe-het-zelvers en installatiewerk gebruiken SDS-plus. Zwaardere machines voor grote gaten en breekwerk hebben vaak SDS-max. Deze systemen zijn niet uitwisselbaar. Een SDS-plus-boor past niet in een SDS-max-opname en andersom ook niet.
In 5 stappen een SDS-boor wisselen
Een SDS-opname werkt anders dan een gewone boorkop. De groeven in de schacht zorgen ervoor dat de boor in de lengterichting kan bewegen tijdens het hameren, terwijl hij toch stevig wordt vastgehouden. Daarom draait u een SDS-boor niet vast met een sleutel of snelspanboorkop.
1. Trek de vergrendelhuls naar achteren
Pak de boorhamer bij de opname vast en schuif de zwarte of metalen vergrendelhuls naar achteren, richting de machine. Houd de huls in die stand. Bij veel modellen komt de oude boor dan direct los. Heeft u een uitvoering waarbij de boor automatisch loskomt, trek de boor dan rustig recht uit de opname.
Trek niet met geweld aan een boor die vastzit. Beweeg hem eerst een klein stukje heen en weer terwijl u de huls naar achteren houdt. Vaak zit er boorstof of opgedroogd vet rond de schacht.
2. Verwijder stof en vuil uit de opname
Veeg de schacht van de oude boor af met een droge doek. Blaas vervolgens los stof uit de SDS-opname of gebruik een zachte borstel. Doe dit voorzichtig en houd uw gezicht uit de buurt van de opening. Boorstof uit beton en steen wilt u niet inademen.
Een vuile opname zorgt ervoor dat een nieuwe boor stroef in de houder gaat of niet goed vergrendelt. Ziet u beschadigingen aan de huls, losse onderdelen of een opname die niet meer terugveert, gebruik de boorhamer dan niet verder voordat deze is gecontroleerd.
3. Vet de SDS-schacht licht in
Breng een kleine hoeveelheid speciaal boorhamervet aan op de groeven van de schacht van de nieuwe SDS-boor. Een dun laagje is voldoende. Het vet vermindert slijtage in de opname en houdt de beweging van de boor soepel.
Gebruik geen dikke klodder universeelvet en smeer de volledige boor niet in. Te veel vet trekt juist stof en gruis aan. Ook de boorpunt blijft schoon en droog. Vet hoort uitsluitend op het deel dat in de opname verdwijnt.
4. Plaats de nieuwe SDS-boor
Steek de schacht in de opname en draai de boor daarbij licht heen en weer. Druk door totdat u voelt of hoort dat de vergrendeling vastklikt. Bij de meeste SDS-plus-boorhamers hoeft u de huls niet naar achteren te trekken bij het plaatsen. De opname opent automatisch zodra u de boor erin duwt.
Forceer de boor niet als hij niet meteen ver genoeg naar binnen gaat. Haal hem eruit, controleer de schacht op vuil of beschadigde groeven en probeer opnieuw. Controleer ook of u wel het juiste SDS-type gebruikt.
5. Controleer of de boor vergrendeld is
Trek na het plaatsen stevig aan de boor. Hij mag een kleine axiale speling hebben, dus iets naar voren en achteren bewegen. Dat is normaal bij een SDS-systeem. De boor mag echter niet volledig uit de opname komen.
Start de boorhamer pas als deze controle goed is. Kies vervolgens de juiste stand: alleen draaien voor bijvoorbeeld een adapter met gewone boorkop, hamerboren voor beton en steen, of alleen beitelen wanneer u met een SDS-beitel werkt. Een standaard SDS-betonboor is niet bedoeld voor langdurig breekwerk.
Wat doet u als de SDS-boor vastzit?
Een SDS-boor die niet loskomt, is meestal geen teken dat de machine kapot is. Vaak zit er fijn bouwstof in de opname, is de schacht drooggelopen of staat er spanning op de boor doordat deze tijdens het werk scheef belast is.
Haal de stroom of accu los. Trek de vergrendelhuls volledig naar achteren en beweeg de boor gecontroleerd draaiend en trekkend los. Lukt dat niet, tik dan heel licht met een kunststof hamer tegen de zijkant van de schacht, vlak bij de opname. Sla nooit hard op de boorhamer, de huls of de boorpunt. Daarmee kunt u het vergrendelmechanisme beschadigen.
Gebruik geen water, kruipolie of ontvetter in de SDS-opname als snelle oplossing. Die middelen kunnen het aanwezige vet wegspoelen en vuil dieper in de machine meenemen. Zit de boor nog steeds vast, laat de opname dan nakijken. Doortrekken met gereedschap of een bankschroef kost vaak meer dan de tijd die u bespaart.
De juiste boor voor de juiste klus
Een boorhamer levert slagkracht. Daardoor werkt een SDS-betonboor snel in beton, kalkzandsteen, baksteen en natuursteen. Voor keramische tegels, hout of metaal is die slagfunctie meestal niet de juiste keuze. Bij tegels gebruikt u eerst een geschikte tegel- of glasboor zonder klopstand. Bij hout en metaal werkt u met een passende boor en, als uw boorhamer dat ondersteunt, een adapter met gewone boorkop in de draaistand.
Let ook op de boordiameter en werklengte. Voor een plug moet het boorgat dezelfde diameter hebben als de plug. Voor een standaard plug van 6 mm gebruikt u dus doorgaans een boor van 6 mm. Bij diepere gaten, bijvoorbeeld voor keilbouten of chemische ankers, moet de bruikbare boorlengte voldoende zijn. Alleen naar de totale lengte kijken is niet genoeg.
Boort u in gewapend beton en raakt u wapening? Duw dan niet extra hard. Laat de machine het werk doen en controleer of uw boor nog scherp is. Afhankelijk van de situatie kan een andere boor of een andere bevestigingsmethode nodig zijn. Verplaats een gat nooit zomaar wanneer u niet weet waar leidingen, constructiestaal of andere voorzieningen zitten.
Wanneer is een SDS-boor aan vervanging toe?
Een SDS-boor gaat niet alleen minder goed presteren wanneer de punt bot is. Ook versleten groeven op de schacht kunnen ervoor zorgen dat de boor slecht vergrendelt of te veel speling krijgt. Controleer de schacht daarom elke keer als u een boor wisselt.
Vervang de boor wanneer de hardmetalen snijpunt afgerond, gebroken of blauw verkleurd is. Ook een kromme boor, een boor die opvallend trilt of een boor die veel meer druk nodig heeft dan normaal, hoort uit gebruik. Met een scherpe, passende boor werkt u sneller, boort u netter en belast u de boorhamer minder zwaar.
Een kleine onderhoudsroutine voorkomt de meeste problemen: houd de SDS-schacht schoon, gebruik weinig maar geschikt vet en bewaar boren droog en gescheiden van los bouwstof. Zo klikt de volgende boorwissel gewoon vast wanneer u verder moet met de klus.